tieten in de strijd

Features of Femininity by Daantje Bons

Eerder deze week was ik op de presentatie van Vrouwen schrijven niet met hun tieten, een feministische bundel samengesteld door Wiegertje Postma. De bundel bestaat uit essays, artikelen en observaties van schrijvers die waren geselecteerd op de volgende criteria: ze moesten na 1980 geboren zijn, schrijven over feministische onderwerpen en dit doen met een persoonlijke insteek. Postma, zo vertelde ze op het podium, wilde geen activistische pamfletten – voor deze bundel was ze op zoek naar persoonlijke verhalen. Zo staat er een stuk in van Alma Mathijsen die schrijft over een onbewuste verkrachting die ze onderging op haar zestiende, een observatie van gemediatiseerde vrouwenseks door Clarice Gargard en een essay van Niña Weijers over vrouwen in de literatuur. ‘Al die verhalen samen’, schrijft Postma in haar voorwoord, ‘laten zien dat wat jonge feministen kenmerkt is dat ze niet één homogene bevolkingsgroep zijn, dat ze een brede waaier aan belangen en interesses hebben, en dat ze elkaar niet de tent uit hoeven vechten om te bepalen wie wel een feminist is, en wie niet.’

beyoncéHet feminisme anno nu zich lijkt toe te spitsen op de vraag wie wel en niet een feminist is. Maar feminisme, schreef Postma eerder in een stuk in het NRC, is niet of, of, maar en, en. Het is én een zaak van blanke, hoogopgeleide vrouwen die zich storen aan seksistische opmerkingen, én een strijd die moet worden geleverd om de meisjes van Boko Haram te redden. Het is én je druk maken om ongelijke lonen, én verontwaardigd zijn over de sekse- (en seks-)gerelateerde filmrollen in de filmindustrie. Het is én Beyoncé in een stalen bikini én Emma Watson in mantelpakje voor de VN.

Helemaal mee eens. Feminisme is allang geen single issue-strijd meer, zegt Postma, geheel volgens het nieuwe adagium: iedereen, met tieten of zonder, die streeft naar gelijke behandeling van vrouwen is feminist. Maar was het ooit anders? Was feminisme vroeger wel een single issue-strijd? Ging het de suffragettes in essentie niet om meer dan het kiesrecht? Namelijk om hetzelfde als waar wij en Beyoncé en Emma Watson voor strijden, en is dat niet hetzelfde als waarvoor Simone de Beauvoir de barricaden op ging, Dorothy Parker, Gloria Steinem, Germaine Greer? Worden alle feministen niet gedreven door een verontwaardiging dat er zoiets bestaat als een ongelijke behandeling van vrouwen ten opzichte van mannen? In welke facetten deze ongelijkheid zich ook manifesteerde en nog steeds doet, de verontwaardiging is dezelfde – en de strijd die hieruit voortkomt ook. De onderlinge strijd ook overigens, want al in de jaren veertig vochten feministen elkaar de tent uit en ook de suffragettes spleten uiteen in verschillende kampen. Logisch, schreef De Beauvoir in De Tweede Sekse, pakweg zeventig jaar voor Postma haar voorwoord schreef: vrouwen vormen immers geen homogene bevolkingsgroep. Ze vormen de helft van de wereldbevolking en komen in alle kleuren en maten, leeftijden en vormen en soorten.

Features of Femininity by Daantje Bons

Wat onderscheidt de huidige generatie feministen dan van de vorige? Postma kreeg deze vraag tot twee keer toe gesteld, op de avond van haar boekpresentatie. Tot twee keer toe wuifde ze de vraag weg met het antwoord dat ze zich niet genoeg had voorbereid om daar iets intelligents op te zeggen. Ik wil niemand de feministische tent uitvechten, maar daar raakte ze mij toch een beetje kwijt. Enig historisch besef lijkt mij uiterst relevant, in elk geval wanneer je je met een boek mengt in het debat. Want waarom een boek, waarom nog steeds een debat? Wat is het feminisme nog? Wat valt er nog te winnen, welke issues zijn er nog als het gaat om gelijke rechten voor mannen en vrouwen? En vooral: hoe kunnen we die beslechten? En ook: waaróm is het feminisme én/én, en niet of/of, wat valt er te winnen met deze uitspraak en waar komt ze vandaan? Zonder deze vragen geen feminisme, lijkt mij, en zonder antwoorden geen feminisme. Beide zijn ingebed in een intellectueel klimaat dat al een eeuw bestaat, en waarvan erkenning essentieel is. Al is het maar om geen tijd te verspillen aan het herkauwen van inzichten die al vergaard zijn.

Simone de Beauvoir

Simone de Beauvoir

Postma schreef in het NRC wat ze ook in haar voorwoord schreef en wat ze op de avond van haar presentatie herhaalde: de vrouw is een mens. Dat is ontegenzeggelijk een nuttig punt om als feminist te maken. Alleen is ook dat al door Simone de Beauvoir gedaan, zoals door zowat alle Amerikaanse feministen uit de jaren veertig, en het werd zelfs al antefeministisch opgemerkt door filosofen als Diderot en Montaigne. De Beauvoir maakte ook meteen korte metten met het argument, door te schrijven dat het beschouwen van de vrouw als mens een ontvluchting is van het feit dat ieder mens, man of vrouw, wordt gedefinieerd door de context. We worden niet als vrouw geboren, we worden vrouw gemaakt. Door het patriarchaat – dat nog steeds bestaat. Want ondanks alle politieke en juridische wijzigingen (en de officiële verklaring in 1993 van de VN-Wereldconferentie in Wenen dat vrouwen ook worden gerekend tot mensen in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens), bestaan nog steeds dezelfde verschillen waar Simone de Beauvoir al over schreef. Kennelijk zijn politieke en juridische veranderingen niet genoeg, kennelijk is zelfs een universele verklaring van de rechten van de vrouw niet genoeg. Kennelijk zijn er andere hardnekkige patronen die ook ten grondslag liggen aan de ongelijke positie van vrouwen ten opzichte van mannen. Het lijkt mij dat feminisme nu daarover zou moeten gaan. En het lijkt mij dat dat het verschil is met eerdere generaties.

Onze voorgangsters werden gedreven door dezelfde verontwaardiging en voerden dezelfde strijd. Met dit verschil: zij hadden concrete issues waarvoor ze de barricaden op konden. Ze hadden woorden die ze op spandoeken en buik konden schrijven: kiesrecht, vrouwenbroeken, abortus, de pil. De vrouw moest op tal van fronten bevrijd worden uit ketens die zichtbaar waren, zwart op wit in wetboeken of letterlijk aan den lijve. Nu is het werkveld van de feminist een grijzer gebied, in elk geval in onze Westerse samenleving, waar vrouwen in officiële zin niet meer het onderspit delven ten opzichte van mannen. Onze feministische voorgangers hebben hun werk goed gedaan: we mogen stemmen, broeken dragen, we worden officieel tot mensen gerekend, we mogen zelf beslissen over moederschap. Er zijn vrouwenquota, vrouwelijke premiers en ministers en er zijn huisvaders, metromannen en kerels die stofzuigen. En toch is er nog (of weer) discussie. Toch is er Emma Watson. Toch is Chimamanda Ngozi Adichie’s manifest We Should All Be Feminists verplichte lectuur voor Zweedse tieners. Toch voelen veel vrouwen zich niet serieus genomen, nemen ze zichzelf niet serieus, worden ze weggezet als seksobject, worden ze afgedankt als ze een bepaalde leeftijd bereiken, zijn ze in de minderheid als er prijzen of topposities te vergeven zijn, zijn ze in de meerderheid als er deeltijdbanen te vergeven zijn en zijn ze verbaasd als ze de pensioenleeftijd bereiken en niet financieel onafhankelijk blijken. Toch is er deze bundel.

Een bundel met mooie verhalen van mooie vrouwen, zonder meer. Maar helaas ook zonder activistische insteek, en zonder historisch perspectief. Het lijkt alsof Postma en de haren een beetje bang zijn om zich als activist te positioneren – misschien omdat ze bang zijn om als mannenhatende, tuinbroekdragende kenau’s te worden weggezet (terwijl activisme mij bij uitstek het kenmerk van een feminist lijkt, dat volgens mij ook prima valt te combineren met liefde voor mannen en mooie kleren, maar dat terzijde). Ze lijken het ook een beetje zat dat het aldoor weer een issue is, die vrouwenzaak. Het werd zelfs een paar keer gezegd tijdens de boekpresentatie, ook door andere sprekers: we zijn soms er een beetje moe van. Waarvan precies werd niet gespecificeerd, maar ik vermoed dat het een moeheid is die voortkomt uit moedeloosheid, uit het steeds maar weer moeten voeren van het debat waarin je steeds maar weer met argumenten moet komen waarom vrouwen mensen zijn en recht hebben op gelijke lonen et cetera. Terecht misschien, maar ik vrees dat het debat ook niet veel verder komt als we die argumenten steeds maar weer op dezelfde manier herhalen. Als we niet beseffen dat Simone en Dorothy en Gloria al die dingen al hebben opgeschreven, en op zoek gaan naar andere dingen om te zeggen, andere vragen om te stellen. Het doel van feminisme is uiteindelijk vernieuwing. Een verandering van de status quo. Een revolutie. Maar wil je vernieuwing, dan zul je vernieuwing moeten brengen.

 

 

Respond to tieten in de strijd

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s